| De Voorzet: Kiest KNVB voor kwaliteit of kwantiteit? |
|
Wekelijks geven de redacteuren Dick Teunen en Alex van Vogelpoel hun mening over een actueel onderwerp dat te maken heeft met de Topklasse. Alex beantwoordt deze week de vraag van Dick over de houdbaarheid van de degradatieregeling in de Topklasse.
De jaren en vergaderingen verstreken in rap tempo voor de Topklasse eindelijk tot stand kwam. De uiteindelijke opzet is dan ook een volledige compromis. Niets mis mee, als vertrekpunt. Belangrijk is dan wel om in de komende jaren de pijnpunten weg te masseren. Eén daarvan is overduidelijk de degradatieregeling naar de Hoofdklasse, want vind maar eens een andere competitie in de wereld waar maar liefst een kwart van de clubs aan het einde van het seizoen degradeert.
Kwaliteit
De insteek voor de Topklasse was helder. De grote amateurclubs waren het niveau van de Hoofdklasse inmiddels ontstegen en aan de andere kant van het spectrum ging het spelpeil in de Jupiler League in drastisch tempo achteruit. Tijd om de voetbalpiramide in Nederland te voltooien met een klasse tussen de Eerste Divisie en de Hoofdklasse. Na ruim een half jaar kan geconstateerd worden dat het niveau in deze nieuwe competitie hoog is. Dat is vooral goed te zien wanneer je zo af en toe eens een wedstrijd in de huidige Hoofdklasse bekijkt.
Rekensommetje
Want waar de komst van de Topklasse heeft gezorgd voor een duidelijke kwaliteitsinjectie, is de Hoofdklasse opeens een zorgenkindje. Door het vertrek van 31 clubs naar de Topklasse bleven er nog 53 Hoofdklassers over. Een simpel rekensommetje had vier prachtige Hoofdklassen opgeleverd. De dertien overgebleven clubs per poule waren aangevuld met een kampioen uit de eerste klasse. Daarnaast kon er gekozen worden om de nummer laatst uit de Hoofdklasse te laten degraderen of promotie/degradatiewedstrijden te laten spelen. De kwaliteit van de middenmoot van de voorgaande Hoofdklassen was gewaarborgd. Een nadeel dat aangedragen kan worden is dat de reisafstanden groter zijn. Maar hoort dat er ook niet bij op een hoger niveau? In de Topklasse reis je het hele land door, in de Hoofdklasse het halve land, in de eerste klasse het district en vanaf de tweede klasse blijf je wekelijks in de regio. Maar niets van dit alles, de KNVB koos voor kwantiteit.
Kwantiteit
De oude opzet van liefst zes Hoofdklassen met daarin veertien teams werd gehandhaafd. Doordat de nummer laatst in iedere poule ook nog eens degradeerde kwamen er 37 clubs uit de eerste klasse omhoog. Een ongekend aantal om maar halsstarrig vast te houden aan de zes competities. Het zichtbare gevolg is dit seizoen een extreem niveauverschil tussen de boven- en onderkant van de Hoofdklassen. Een situatie waar beide partijen eigenlijk niet veel wijzer van worden. De zes klassen zorgen ook nog eens voor grote onrust in de Topklasse.
Degradatie
De kampioen van de zes afdelingen – drie Zaterdag en drie Zondag – moeten automatisch kunnen promoveren. Daarnaast zijn de periodetitels ook nog altijd present, waardoor de periodekampioenen eveneens de kans moeten krijgen om de stap omhoog te maken. Het gevolg? De onderste drie clubs uit de Topklasse degraderen rechtstreeks en de nummer vier van onderen moet zich komen melden in de grote tombola van de nacompetitie. Daarmee is liefst een kwart van de Topklasse straks verdeeld tot vermoedelijke degradatie. Hoe anders had het kunnen zijn als er als er maar vier Hoofdklassen waren geweest. Twee kampioenen nemen de plaats in van de nummer vijftien en zestien in de Topklasse en de nummer veertien speelt in de nacompetitie.
Stabiel beleid
Misschien klinkt het als muggenziften, drie of vier degradanten. Op termijn is het een verschil van dag en nacht. Clubs in de Topklasse kunnen bijna geen misstap begaan of een minder seizoen door wat voor omstandigheden dan ook draaien. Degradatie is direct het gevolg. Stabiel beleid afstemmen is bijna niet mogelijk wanneer een kwart van de teams moet degraderen. Snel terugkeren? Poeh, dat is dan opeens een hele klus. Slechts één van de veertien teams in de Hoofdklasse promoveert namelijk rechtstreeks. Voor de rekenaars onder ons is dat 7,1%. Duidelijk een pijnpunt waar vanuit de KNVB spoedeisende hulp bij nodig is.
Dick, met Martijn Barto en Marco van der Heide zijn er al in een vroeg stadium twee spelers uit de Topklasse vastgelegd door een club uit de Jupiler League. Meerdere spelers staan op de nominatie om deze stap te gaan maken. Een nieuwe trend?
Foto: www.topklassevoetbalfoto.nl
|